Buitenles vier: doe eens gek, stek een stek!
4 november, de laatste buitenles alweer. En weer een heel toffe, want vandaag leren de medewerkers van ’t Broek Omhoog hoe ze nieuwe planten kunnen maken. Er zijn een aantal manieren om planten te vermeerderen, legt Rianne uit. Een kleine samenvatting!
Uitsteken en doorhakken
Bij planten die heel breed worden, kun je de hele pol uitgraven en doormidden hakken. Het beste is het om daarna de twee (of zelfs meerdere) delen direct terug te planten, waardoor ze in het daaropvolgende jaar meer ruimte hebben en nog breder kunnen groeien. Dit doe je het liefst in het najaar, zodat de wortels goed kunnen herstellen en zich opnieuw kunnen ontwikkelen.
Knippen
Aardbeien (en andere planten zoals kruipend zenegroen en de goeie oude spinnenplant) hebben hier hun eigen variatie op. Ze maken namelijk hun eigen ‘baby’s’, ook wel uitlopers genoemd. De uitlopers van deze planten kun je (als ze al voldoende wortels hebben) zo losknippen en in een potje met aarde zetten. Als er nog geen wortels te zien zijn, kunnen ze beter nog even aan de moederplant blijven zitten, maar je kunt ze wel een handje helpen door ervoor te zorgen dat de uitloper contact maakt met de aarde. De wortels verschijnen vanzelf.
Met stekpoeder in een potje met aarde
Knip een stek van ongeveer een vinger lengte, haal alle blaadjes behalve de vier bovenste (ongeveer) eraf. Dip het steeltje in stekpoeder, tik even met het steeltje tegen de rand van het bakje zodat er niet teveel stekpoeder aan zit, en plant het stekje in een potje met aarde. Het BuurtGroenBedrijf gebruikt meestal een deel biologische potgrond en een deel geel zand, maar zolang het water goed weg kan, is alles prima. Druk het geheel goed aan, geef het water, stop een labeltje in het potje zodat je weet wat het is, en je stek is klaar! Tip! Stekken kun je beter in de lente of zomer doen, maar munt groeit altijd wel, dus de cursisten hebben vandaag hiermee geëxperimenteerd.
In een glaasje water
Deze stekmethode is haast hetzelfde als die hierboven, maar in plaats van stekpoeder te gebruiken, zet je het stekje in een glaasje met water. Leuke bijkomstigheid: je ziet het wanneer er wortels beginnen te groeien! Vervang het water als het een beetje groenig begint te worden. Als de wortels ongeveer even lang zijn als de stek (dit verschilt per plant, maar het is een prima basisregel), kun je ze verplanten. Om te acclimatiseren is een potje op de vensterbank een goed begin. Een beschut plekje in de tuin kan ook. Vergeet vooral geen water te geven! Ook hier geldt trouwens: dit doe je beter in de zomer of de lente.
Na vier lessen hebben de cursisten genoeg kennis van tuinieren om in de wijk of thuis aan de slag te gaan. Wij wensen ze veel tuinierplezier!
